Antinomie: ik heb het druk en ik heb stress en ik heb het druk en ik geniet.

In tijden van stress en drukte, en dat is ook bij mij vaker wel dan niet het geval, lees ik filosofie. Dat doe ik ook in rustige tijden, maar in tijden van stress gaat het wat langzamer. Met woordenboek erbij haal ik regelmatig een gemiddelde van twee bladzijden per half uur (afhankelijk van de filosoof en mijn aandacht). Meer tijd vind ik dan niet voor mezelf. Onterecht natuurlijk, maar je kan niet alles hebben.
Nog vervelender dan tijdgebrek, ervaar ik mijn geheugengebrek in tijden van stress. De gelezen filosofische bespiegelingen begrijp ik nog de ene dag, maar ben ik de dag erna vergeten.

Nu heb ik ooit onthouden, dat je meer in je brein kan vastleggen als je het verbindt met datgene wat je al kent en weet.
De afgelopen week las ik over antinomieën: tegenstrijdigheden die geen paradox zijn omdat zowel de these als de antithese waar zijn. Kant heeft er ooit vier beschreven en ik ga ze hieronder, in een poging ze te onthouden, koppelen aan mijn alledaagse beleving. (De beschrijvingen van de antinomieën komen van Wikipedia, misschien niet altijd de meest wetenschappelijk verantwoorde bron, maar fijn dat het bestaat).

These – ergens in de reeks oorzaken van de wereld (universum) moet er een noodzakelijk wezen zijn
Antithese – er is niets noodzakelijks in deze reeks, alles is toeval
In mijn leven: Ik plan mijn dag, maak afspraken en heb doelen waar ik naar toe werk, dat is zo sinds ik voor dit werk heb gekozen. Maar ook: ondanks al mijn doelmatigheid, loopt alles in mijn dag en week en leven toch altijd (net even) anders dan gepland.

These – er bestaan in deze wereld (universum) oorzaken die uit (keuze)vrijheid voortspruiten
Antithese – vrijheid bestaat niet, alles bestaat uit natuur(wetten)
In mijn leven: Ik bepaal zelf wat ik doe, ik heb de vrijheid om te kiezen hoe laat ik (ongeveer) opsta, wat ik ga eten, hoe ik mijn dag indeel. Maar ook: ik moet eten, drinken, slapen om te overleven. Als ik wil fietsen, moet ik mijn benen op een bepaalde manier bewegen anders komen mijn fiets en ik niet vooruit. Etc etc.

These – alles in de wereld (universum) bestaat uit enkelvoudige substanties
Antithese – er bestaat niets enkelvoudigs, alles is samengesteld
In mijn leven: Alle losse dingen in mijn huis maken samen mijn inrichting, alle losse huizen naast elkaar maken samen mijn straat, alle straten maken mijn stad, alle steden het land, alle landen de wereld. Hetzelfde geldt voor mensen: we zijn allemaal individuen, maar niets menselijks is ons vreemd en zonder elkaar zouden we niet kunnen overleven en zonder contact en verbinding zou het leven lang zo leuk en interessant niet zijn.

These – de wereld (universum) heeft in de tijd en in de ruimte een begin en een eind
Antithese – de wereld is wat tijd en ruimte betreft onbegrensd.
In mijn leven: elke dag heeft 24 uur en je kan maar zoveel doen in die tijd. Maar ook: na elke dag volgt een nieuwe dag met nieuwe kansen en meer van hetzelfde. Dat gaat eindeloos door, met of zonder jou.

En nog een (soort van) antinomie:
These: De drukte en veelheid in mijn leven geven stress en vermoeidheid.
Antithese: Ik geniet van alles wat ik doe, zie, meemaak en leer op mijn meer dan goedgevulde dagen.

Antinomieën zijn cool!

Share
Geplaatst in iBlog, literaire coach Getagd met , , , , ,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*