Verwelkom de onvermijdelijke entropie

Net als ik denk alles een beetje op een rijtje te hebben, overzicht in mijn leven, een besef van mijn nut en kwaliteiten, dan gebeurt er weer iets wat alles in de war schopt. Chaos in mijn dag of hoofd en de daarmee gepaard gaande onvermijdelijke onzekerheid. Hoe nu verder, wat betekent dit, waarom is het zo gegaan en waarom zei diegene dat? Wat moet ik hier nu weer van leren?

Gek eigenlijk, dat we zo tegen beter weten in continue lijken te streven naar duidelijke doelen en zekerheid, naar vaste waarden waar we op kunnen leunen en duidelijke grenzen waar niemand overheen mag gaan. Maar wanneer ik erover nadenk kom ik toch altijd tot de conclusie dat mijn kennis niet alleen beperkt is, maar ook dat ik niks zeker weet, behalve dat het leven eindig is. En onzeker. 

Ik houd van mooie (moeilijke) woorden en mijn huidige lievelingswoord is entropie. Entropie beschrijft de tweede hoofdwet van de thermodynamica. Heel kort door de bocht: iets warms in een koude omgeving zal altijd afkoelen tot het dezelfde temperatuur heeft als zijn omgeving. De snelle warme deeltjes mengen zich met de langzamere koude deeltjes totdat er een maximale entropie is. Maximale chaos zou je kunnen zeggen, want de verschillende delen zijn niet alleen volledig gemengd, maar deze vermenging kan (natuurlijk) op talloze manieren gebeuren. 

De wet stelt dat de entropie -de chaos- van elk systeem continue toeneemt en zo elke vorm van ordening doet afnemen en uiteindelijk doet verdwijnen. Bijvoorbeeld: als mens ben je ook een soort systeem, we worden ouder en gaan dood. Nadat we gestorven zijn zal ons lichaam vergaan, we verworden tot stof, tot aarde en lucht totdat ook hier maximale entropie is bereikt. 

Onzekerheid is het mentale equivalent van entropie, dat las ik het boek Een wereld verschijnt van Michael Pollan. Het is een boek over bewustzijn, een prachtig onderwerp waar zoveel over te zeggen, te denken en te ervaren valt. Dus lees ik boeken, luister ik naar podcasts en heb ik het geluk om regelmatig met wijze mensen over bewustzijn te praten. 

Juist op die momenten dat ik denk dat ik het begin te snappen, dan gebeurt er weer iets, dan lees ik weer iets, dan hoor ik weer iets…..en verwelkom ik wederom de onvermijdelijke entropie.  

Share

Ik oefen in perspectieven en ontdek ruimte

Ik oefen de laatste tijd in kijken vanuit verschillende perspectieven en dat zou ik vroeger -zeker tot mijn 25e– nooit gedaan hebben. 

Ik had een hekel aan het woord en de betekenis van relativeren, dat je dingen ook wat milder of van een andere kant kon bekijken. Ik wist simpelweg wat ik vond en ik vond het goed om heel duidelijk mijn mening te verkondigen, alsof het de waarheid was. 

Misschien ligt het aan mijn leeftijd en komt oog hebben voor nuance en voor het herkennen van de complexiteit van alles met de jaren vol ervaring en reflectie. 
Misschien is het ook deze tijd waarin relativeren en het (h)erkennen van nuance en omstandigheden bijna een daad van verzet lijkt. Het lijkt tegenwoordig wel een vereiste om je fel uit te spreken ergens voor of tegen. Voor of tegen immigratie, voor of tegen klimaatbeleid, voor of tegen fatbikes, voor of tegen vleesvervangers. Geen nuance, geen relativering, geen ruimte voor een ander perspectief. 

En geloof me: op het grote politieke wereldtoneel heb ik nog steeds last van hele duidelijke meningen. Hoe verder weg hoe overtuigder ik ben van wat het kwaad is en wat het goede. 

Maar in mijn leven, mijn omgeving, daar waar ik mensen groet en vrienden me dierbaar zijn, daar waar ik boodschappen doe en daar waar ik trainingen geef en met heel veel mensen werk en praat en luister. 
Daar oefenen ik in perspectieven. Ik oefen me in bewust zijn van de context, van de geschiedenis, van relaties en verhoudingen en merk de impact van stress.

Ik kan niet weten hoe het is om in andermans schoenen te staan, ik mis die geschiedenis, de relaties, de context. Ik kan er wel naar vragen en naar luisteren. 
Wat ik ook kan doen (en dus oefen) is mijn eigen perspectieven leren kennen. Ik besef me regelmatig dat ik zelf vanuit stress reageer omdat ik bijvoorbeeld niet goed heb geslapen, of een aanvaring had eerder die dag met mijn man, of een te volle agenda heb. Of iemand zegt iets tegen me dat mij herinnert aan een rottige gebeurtenis van jaren geleden, ik reageer vanuit ‘oud zeer’ net iets te scherp, of trek me helemaal terug en val stil. 

Een reactie is nooit zomaar alleen een reactie op iets. Het is een reactie van iemand met een geschiedenis, in een context, in een relatie en met verwachtingen etc. etc. 

Ik oefen mijn perspectieven door mezelf de vraag te stellen: “Hoe zou ik reageren als ik me ontspannen zou voelen, of als een goede vriend, of juist een onbekende dit tegen mij zou zeggen?” In het beantwoorden merk ik dan direct dat ik het ook anders had kunnen doen en ervaren. Het geeft me meer ruimte en begrip voor mezelf en al oefenend ook voor anderen. 

“Gedrag is altijd logisch voor diegene die het doet, anders zou die het niet doen. Dit is misschien wel het belangrijkste inzicht in mijn carrière”, aldus Harvard professor psychologie Ellen J. Langer. 

Share

Vier de inefficiëntie

Herinner je die dagen die eindeloos leken, waarin er ruimte was om te spelen, te praten, te eten, te lachen, naar buiten te kijken, buiten te zijn en nieuwe dingen te ontdekken, tijd om te lezen, te luisteren en gewoon samen te zijn? 

Herinner je die dagen waarop je veel gedaan kreeg, waarin je een strakke planning had met duidelijke doelen en waarin je bij elk to-do punt een vinkje kon zetten, waarin je agenda voor volgende maand alweer in duidelijke kleurcoderingen op je scherm verscheen? 

Als je zou moeten kiezen: welke herinneringen zijn je dan meer dierbaar als je terugkijkt op het afgelopen jaar? 

Wanneer we een beetje op elkaar lijken, dan denk ik dat je de eerste kiest en het tweede vaker doet. 

Wat is dat toch? Dat we ons laten (ver)leiden om zoveel dagen zo vol te plannen? Wat zorgt ervoor dat ‘lege’ tijd hebben negatief klinkt. En voelt! We lijken liever te scrollen, dan naar buiten te kijken, want met een telefoon in de hand doe je tenminste ‘iets’….. 

Neem de omweg
Leer iets ‘nutteloos’
Spreek live af
Bouw leegte in je agenda (en in je hoofd, je huis, je dag)
Leg je telefoon weg

De volgorde: bel aan, bel, mail, app, like

Kook zelf en eet samen
Verbouw je eigen groente
Maak je eigen kleren, of koop vanaf nu alleen nog maar tweedehands en in elk geval weer in echte winkels

Gewoon een beetje zachter werken, met tijd voor jezelf, aandacht voor elkaar en voor je omgeving.  

Vier de inefficiëntie.

Share

Een klein verraad aan de lemniscaat (of toch niet?) 

Mijn ideeën ontstaan regelmatig vanuit halve kennis. Ik ben op sommige gebieden een wandelende klok-klepel die halve kennissen vrolijk met elkaar verbindt. En ja, ik ben me er ook vrolijk van bewust dat de vorige zin syntactisch op z’n minst twijfelachtig is.

Vandaag wilde ik een blog schrijven over palindromen, ik had ook al een titel: “ik lijd aan het palindroom-syndroom” dat klonk alvast goed. Alleen… nu blijkt dat waar ik het woord palindroom gebruik, ik eigenlijk een lemniscaat bedoel. Een palindroom is een woord dat zowel van voor naar achteren als van achteren naar voren hetzelfde leest: redder bijvoorbeeld, of: droomoord. Maar goed, ik bedoelde dus een lemniscaat, zo’n liggende acht, het symbool voor oneindigheid. 

Oeps, foutje. Ik ga verder met mijn blog want ik had al mooie lemniscaten bedacht over hoe twee concepten elkaar kunnen versterken door eenzelfde handeling. Zowel rust als vertrouwen nemen bijvoorbeeld toe door jezelf en elkaar de tijd te geven. Alleen… nu vertelt Google mij dat een lemniscaat de oneindige beweging is tussen twee polen waarbij het kruispunt gezien wordt als de balans, de verbinding: het punt waarop harmonie ontstaat. 

Aha, oké. Dan bedenk ik nu een lemniscaat over discussiëren. De polen van een discussie zijn simpel: je bent het ergens mee eens, of niet, en de oneindigheid van zulke discussies hebben we allemaal wel eens meegemaakt. 
Hoe kom je in zo’n welles-nietes gesprek weer tot het midden waar de harmonie zit? Door de argumentatiekunst van het verleggen toe te passen. Verleggen doe je door het perspectief van de ander te begrijpen, door te erkennen dat in sommige contexten de argumenten van de ander misschien wel kloppen. Hieronder zie je mijn verbeelding van een lemniscaat over discussiëren.

Misschien bevindt zich op dat midden ook wel de mogelijkheid voor de lemniscaten zoals ik ze bedacht had: niet die van twee tegenstellingen en een kern van harmonie, maar een lemniscaat met twee ideeën die beide door eenzelfde handelen versterkt worden. Zoals die over rust en vertrouwen hieronder. 

Ik vind dat zo’n perspectief best mag, mijn geliefde is wat strikter in de definitieleer en vindt van niet. Zo hebben we toch weer een tegenstelling te pakken, maar wel in liefdevolle harmonie gelukkig. 

Share

Het antwoord op de vraag wie ben ik: Volledige verwoording is onmogelijk

Omdat ik op deze donkere dagen nog meer dan anders geneigd ben tot het overdenken van het leven in het algemeen en mijn eigen leven in het bijzonder, lees ik nu Bronnen van het zelf van Charles Taylor (de filosoof, niet de dictator). 

Taylor schrijft dat wie je bent -en was en wilt worden- zich altijd verhoudt tot de mensen om je heen, tot de tijd waarin je leeft en tot jouw antwoorden op de grote (morele) vragen. 

Wat verderop in het boek schrijft Taylor dat we taal nodig hebben om onszelf te begrijpen en te kunnen ontwikkelen. We hebben taal bovendien nodig om te communiceren met andere mensen en om zo onze verhouding tot die ander te bepalen. Taal is zodoende een wezenlijk aspect van onze identiteit. 

Helaas spreekt niemand helemaal precies dezelfde taal en is het onmogelijk om de juiste woorden te vinden waarmee je jezelf kan definiëren. Jij verandert, de wereld verandert, de ander verandert en taal verandert. 

Taal is noodzakelijk om jezelf en de ander te begrijpen, maar “Volledige verwoording is onmogelijk” aldus Charles Taylor. Wat ik dan stiekem wel prachtig verwoord vind.

Voor wie het leuk vindt om een uitgebreidere versie van deze blog te lezen, dat kan op mijn andere – nieuwe- website: www.zachterwerken.nl

Share

Roofdierluisteren om te re-ageren

Ik hou van woorden die tot de verbeelding spreken en laatst hoorde ik er weer eentje: roofdierluisteren. 

Ineens zie ik het roofdierluisteren overal en het lijkt bijna wel de standaard in de politiek: mensen die met samengebalde vuisten, strakgespannen lijven, doelgerichte blikken aan het ‘luisteren’ zijn. Ondertussen wacht de roofdierluisteraar het juiste moment af om toe te slaan. Het gaat hem niet om wat er gezegd wordt, maar vooral om wie het zegt. Ben jij door de roofdierluisteraar in het hokje ‘tegenstander’ en (daardoor) minderwaardig geplaatst? Dan luistert een roofdierluisteraar tot het moment waarop deze zijn reactie-klauwen kan uitslaan om jou te laten zien wie er gelijk heeft en wie de baas is.  

Roofdierluisteren doet me daarmee ook denken aan twee andere woorden: antwoorden en reageren die we gebruiken als synoniemen, maar waartussen een verhelderend onderscheid te maken valt. 

Reageren is wat we snel doen in een reactie op iets of iemand. We re-ageren: we gaan de strijd aan met de ander. We reageren instinctief vanuit emoties: “jouw woorden roepen bij mij agitatie op en dus ik heb alle recht om daarop te reageren. Als het je niet bevalt, dan ga je maar weg”. 

Antwoorden bevindt zich in dezelfde woordenfamilie als verantwoorden en verantwoordelijkheid. Je antwoord niet om te winnen en je luistert niet om te reageren. Je luistert omdat je wilt leren en begrijpen en oprecht nieuwsgierig bent naar wat de ander vertelt. Je antwoordt omdat wat je te zeggen hebt kan bijdragen aan wederzijds begrip, aan nieuwe inzichten en aan een betere verbinding.

Share

En nu dan?

Die vraag stel ik mezelf regelmatig en helaas niet omdat ik alles gedaan heb wat op mijn lijstje stond, maar wel omdat ik gewoon even niet weet wat het beste is om nu te doen.

Raar eigenlijk, om altijd het beste te willen doen, om ons werk en onze dagen continue te willen optimaliseren. Efficiënt werken, doelen halen, aantoonbaar productief kunnen zijn want anders doe je het niet goed. Maar wat te doen op die dagen dat je bij wijze van spreken aantoonbaar niet productief bent? 

“Doe alleen wat nu het makkelijkste is” deze tip komt van de bedenker van het EQ Daniel Goleman. Ik weet niet of het letterlijk zo staat in zijn nieuwste boek Optimaal (…) maar het is wel wat hij zei in een interview dat ik onlangs beluisterde. 

Het lijkt zo tegenstrijdig met de gangbare gouden timemanagement tip dat je eerst de lastigste en vervelendste klus moet doen (“If you eat a life frog at the beginning of each day, everything else will taste sweet” aldus Mark Twain), maar ik vond dit alternatief wel de gemakkelijke moeite van het uitproberen waard.

En weet je? Voor mij werkt het, zeker op die dagen waarop de vraag “En nu dan?” in mijn hoofd blijft rondzoemen. Alleen het gemakkelijkste doen en ook niet meer dan dat. Geen lijstjes maken, niet gaan piekeren over alles wat je zou moeten doen. Gewoon aan de slag met dat wat je nu wel kan opbrengen en wel wil doen.

Gewoon doen, zonder doel, zonder plan, zonder klok. Zonder de illusie van maakbaarheid en controle. Gewoon doen en daarna heb je het mooi wel gedaan.

Share

De tijd weer nemen om de tijd goed te laten worden

Op gewoon zomaar een verloren (…) uurtje klik ik van heftig nieuws, naar lonkende aanbiedingen en blijf ik hangen bij de wél geweldige levens van mijn vrienden. Ik neem weer eens een versie van de wereld tot me via een schermpje, waarmee ik niet alleen mijn tijd maar ook mijn humeur en energie verlies. 

Door de verscherming van onze werkelijkheid lijkt verbinding alleen nog maar een technologisch middel tot een doel dat jij op elk gewenst moment kan managen. Je kan en wil de beste versie van jezelf laten zien, je kan en wil 24 uur per dag consumeren en geholpen worden. Algoritmes zorgen ervoor dat je alleen informatie krijgt die jou raakt en met een druk op de knop kan je met een duimpje of een ander emoticon laten zien wat je ergens van vindt. 

Ondertussen is het alsof we in deze tijd van toenemend egocentrisme en efficiëntie het vermogen verliezen om de ander te willen begrijpen. Het lukt ons niet langer om informatie te duiden vanuit een perspectief dat buiten onze eigen algoritmebubbel ligt. Voor (onderling) begrip is namelijk tijd en rust nodig en regelmatig een gesprek met een echt mens die je niet kan wegklikken.  

“Omdat er geen tijd is om te denken, noch rust tijdens het denken, neemt men afwijkende meningen niet meer in overweging: men volstaat ermee ze te haten” 

Friedrich Nietzsche schreef dit meer dan honderd jaar geleden. Misschien verandert er wel niks in hoe we naar de wereld en elkaar kijken en verandert alleen de manier waarop we onze blik op de wereld en de ander kunnen uitdrukken. Nu sneller dan ooit in de digitale werkelijkheid: we steunen, liken, sturen door, ghosten, shamen, volgen en ontvolgen, haten en trollen. 

We kunnen razendsnel (re)ageren zonder na te hoeven denken over een (ver)antwoord(ing).

Het schijnt dat elke generatie over zijn eigen tijdperk zegt dat het ingewikkelde tijden zijn. Augustinus van Hippo (354-430) verwoordde het in zijn tijd als volgt:

Het zijn ingewikkelde tijden, althans dat zeggen de mensen tenminste. Laten we liever goed leven, dan worden de tijden vanzelf goed. Wij zijn de tijden. Zoals wij zijn, zo zijn de tijden. 

Ik ga mijn tijd goed leven door vaker af te spreken met mijn vrienden, door rustig een papieren krant te lezen, door naar buiten te gaan om de lente te volgen en te genieten van de onverwachte ontmoetingen in die versie van de wereld die onvindbaar is op mijn scherm, die ik niet kan controleren, maar wel met al mijn zintuigen echt kan (be)leven. 

Share

Tijdreizen en dansen in plaats van piekeren en stress

Ik heb mijn momenten waarop ik meegesleept word door stress en emoties, vaak in drukke perioden met net iets te veel werk, of in tijden van onzekerheid. Ik reis dan geheel verzorgd en in m’n eentje naar de enorme uitgestrektheid van mijn denken. Ik volg de bordjes met valse beloftes dat ik verderop echt oplossingen ga vinden.
Al snel blijken alle denkroutes tot piekeren te leiden en bij nader inzien is de uitgestrektheid van mijn denken meer een soort vervallen pretpark met slechts een paar werkende attracties waar ik in mag stappen op eigen risico. Zie je wel bedenk ik me dan vanuit zo’n gevaarlijk karretje, ik heb alle redenen om me bang, boos en verdrietig te voelen. 

Piekeren helpt dus niet, maar wat dan wel? 

  • Niet zeuren maar doen, even doorbijten en hard werken dat is dé oplossing
  • De tijd nemen voor een weldoordacht plan van aanpak om uit de stress te komen
  • Nu eerst dingen gaan doen waar je (een beetje) opgewekter van wordt

Ik luisterde naar een van mijn favoriete podcasts (10% Happier) en dit keer werd dr. Ethan Kross geïnterviewd over de wetenschap van Emotieregulatie (https://open.spotify.com/episode/4m8oSObqb5TuV5OGzdCmOU?si=6xRZM_ORS3yO4FjHNsDd2g ) Hier een paar van de besproken tips op een rijtje. Ze zijn niet moeilijk om te doen en ik kan me voorstellen dat er zeker een aantal tussen zitten waarvan je uit eigen ervaring al weet dat het voor je werkt.

Gebruik je zintuigen om je direct een beetje beter te voelen, voel de warmte van een kop thee, luister naar de klanken van je favoriete muziek, richt je aandacht op wat je ruikt, ziet en hoort in de natuur. 
Dansen helpt, lopen en fietsten ook. Eigenlijk maakt het niet uit, maar beweeg en voel hoe er weer ruimte in je hoofd ontstaat.
Deel je zorgen en merk dat je niet alleen staat en dat er ook andere manieren zijn om naar je penarie te kijken. Praten haalt de emotionele uitroeptekens van het piekeren weg. 
Tijdreizen: reis in je hoofd naar de toekomst en stel jezelf de vraag: hoe zou ik hier morgen over denken en voelen, of over een week, of over een jaar? Of ga terug in de tijd: ben ik al eerder boos, bang, verdrietig, gestrest geweest? Is dat overgegaan? 
Ruimtereizen: welke plek in je huis of in je omgeving doet jou goed voelen? Simpelweg daarnaartoe gaan helpt je rustiger en beter voelen. 

Stuk voor stuk eenvoudige dingen die je direct kan doen om je beter te voelen in de wetenschap (!) dat je vanuit dat kalmere gevoel gemakkelijker kan besluiten wat voor jou nu waardevol en passend is om te doen.

Of zoals Gustave Flaubert het in een van zijn brieven schreef: “Kalm te zijn, dat is al bijna gelukkig zijn”. 

Share

Laveren tussen verdoelering en verloedering maakt niet gelukkig. 

Ik heb altijd bewondering gehad voor mijn vrienden die precies wisten wat ze wilden worden en daar ook doelgericht en hard voor werkten. Ik ben op het vlak van doelgerichtheid wat gebrekkig, zo leerde ik languit op het strand voor mijn eindexamens en verdiende ik mijn geld met gezellige baantjes in de horeca. Ondertussen behaalde ik wel mijn master in de moderne letterkunde, volgde diverse coach-opleidingen en startte ik mijn eigen bedrijf. Dit alles zonder doel voor ogen, hoewel je er wel een richting in zou kunnen ontdekken: Ik wilde altijd al ‘iets met mensen helpen’ doen en ik vind het belangrijk om zowel de lichte als de donkere kanten van het leven (proberen) te begrijpen.

In het boek Tegengif, geluk voor mensen die een hekel hebben aan positief denken van Oliver Burkeman las ik in het hoofdstuk over doelobsessie iets wat mij zowel verbaasde als geruststelde.

Het blijkt dat het stellen van doelen en vooral het volharden in de gekozen bestemming helemaal niet zo’n succesvolle strategie is voor een gelukkig(er) leven. Globaal de richting weten in je leven dat helpt zeker wel, maar je doel vastpinnen en daar volop voor blijven gaan, dat heeft onterecht een goede naam. 

Het bedenken, formuleren en nastreven van doelen vinden we lekker; het geeft een gevoel van controle over je leven. Maar terwijl jij je verbindt aan je doel, gaat het leven door en dat komt gegarandeerd met allerlei verrassingen en onzekerheden die je vooraf niet had kunnen bedenken, laat staan dat je ze kan plannen of controleren.  

Hoe meer je in je doel investeert aan tijd, geld en energie, hoe meer je jezelf wijsmaakt dat je ervoor moet blijven gaan. Bij onvoorziene tegenslag investeer je daarom nog meer tijd, geld en energie. Maar ten koste van wat? Zie je de risico’s die je neemt en de andere kansen die zich voordoen? Heb je nog wel aandacht voor je vrienden en geliefden? Neem je nog de tijd om dingen te doen die je (ook) leuk en belangrijk vindt? 

Waar is je stop-optie? 

Ons dagelijks leven lijkt een combinatie van hard werken om onze ambities na te streven gevolgd door welverdiende ontspanning om los te komen van alle druk(te). We ‘ontspannen’ met allerhande middelen: alcohol, zoetigheid, shoppen, gokken en natuurlijk met alle mogelijke online vermaak. Je zou kunnen zeggen dat we heen en weer bewegen tussen verdoelering en verloedering en beide maken ons niet gelukkig. 

Maar wat dan? 

Zie een geslaagd leven niet als een snelweg waarlangs je zo direct mogelijk je doel moet bereiken, maar meer als een pad dat globaal de door jouw gekozen richting opgaat. Een pad waar je overheen wandelt en om je heen kan kijken naar alles en iedereen. Je ontmoet mensen, probeert dingen, ervaart de warmte en soms de koude tegenwind. Af en toe kies je misschien (even) een andere route, merkend dat je nog steeds je eigen richting op gaat en ondertussen lerend van ervaringen die je van tevoren niet had kunnen bedenken. 

Share